koolhydraten, om gek van te worden!

Als je uitleg geeft aan klanten over verschillende soorten suikers en koolhydraten, welke termen gebruik je dan? Of naar welke term gaat je voorkeur uit?

Laatst viel me opeens op hoeveel verschillende termen er gebruikt worden. Soms is het gewoon een moeilijk of makkelijk woord voor hetzelfde, maar vaak betekent het ook net iets anders. Laten we maar beginnen met de vraag: Wat zijn koolhydraten eigenlijk?
Het is een verzamelnaam voor suiker, zetmeel en vezels. Koolhydraten zijn voedingstoffen opgebouwd uit een koolstof-, waterstof- en zuurstofatomen. Ze zijn de belangrijkste energieleverancier in ons lichaam. Alle koolhydraten worden in het lichaam afgebroken tot glucose. Hieronder een handig overzicht voor professionals.

Namen die collega’s gebruiken

Ik vroeg aan collega-diëtisten welke namen zij gebruikten. De keuze hangt af van de doelgroep. Eén collega gaf aan dat ze zo veel mogelijk de woorden van de mensen zelf gebruikt. Een andere collega zei: Ik werk met kinderen, dus hou het zo simpel mogelijk; in voeding zitten 4 types koolhydraten: zetmeel, melksuiker, vruchtensuiker en suiker. Voor sommigen is dit genoeg, anderen kun je uitgebreidere voorlichting geven. Ook voor veel volwassenen is deze simpele uitleg vaak al voldoende.

De sacchariden

Een monosaccharide is de simpelste suiker eenheid, bestaande uit 1 molecuul opgebouwd uit de hierboven geschreven atomen. Fructose en glucose zijn monosacchariden.

Disacchariden is een verbinding van twee suikereenheden aan elkaar. Maltose en trehalose zijn hier voorbeelden van,

Oligo-sacchariden zijn koolhydraten die bestaan uit een keten van 3 tot 10 mono-sacchariden.

Polysacchariden zijn koolhydraten die bestaan uit een keten van minimaal 10 monosacchariden.

De uitleg die collega’s gebruiken

Veel collega’s vertalen de ketens van moleculen naar het visuele beeld van de kralenketting. Een monosaccharide is een simpele ketting met 1 kraal. Een disacchariden, een ketting met 2 kralen. Een ketting met veel kralen is een polysacchariden. De meeste volwassenen en kinderen kunnen zich hier heel goed iets bij voorstellen.

Koolhydraten

Enkelvoudige koolhydraten zijn een andere naam voor mono-en disacchariden.

Meervoudige koolhydraten zijn een andere naam voor polysacchariden.

Complexe koolhydraten kunnen oligosacchariden of polysacchariden zijn. Omdat de keten van moleculen op meerdere plekken aan elkaar verbonden zijn worden deze koolhydraten ook wel ‘complexe koolhydraten’ genoemd.

Korte koolhydraten zijn hetzelfde als enkelvoudige koolhydraten.

Lange koolhydraten zijn hetzelfde als meervoudige koolhydraten.

Ongeraffineerde koolhydraten wordt wel industrieel bewerkt maar niet gezuiverd. Ongeraffineerde koolhydraten bevatten vaak een klein percentage voedingsstoffen.

Geraffineerde koolhydraten zijn industrieel gezuiverde koolhydraten.Raffineren is het industrieel zuiveren van chemische stof. Geraffineerde koolhydraten bevatten hierdoor geen vezels vitaminen en mineralen meer. Denk hierbij aan witmeel of suiker uit de suikerpot.

Bewerkte koolhydraten zijn koolhydraten die wel bewerkt zijn maar niet gezuiverd, zoals honing of ruwe rietsuiker.

Onbewerkte koolhydraten zijn niet bewerkt en niet gezuiverd bevinden zich in natuurlijke producten en zijn als zodanig te koop. Peulvruchten, groente, fruit en knollen bevatten deze koolhydraten.

Langzame koolhydraten bestaan uit een combinatie van twee soorten polysacchariden: vezels en zetmeel met een lage glykemische index (GI) en glykemische lading (GL). De GI en GL zijn maten waarmee de snelheid waarmee de bloedglucose stijgt wordt uitgedrukt. Producten met langzame koolhydraten zijn peulvruchten, volkorenproducten en groenten.

Snelle koolhydraten is een andere benaming voor geraffineerde koolhydraten met een hoge glykemische index (GI) en glykemische lading (GL). Hoe hoger dit getal hoe sneller de bloedglucose stijgt. Snelle koolhydraten vind je in kristalsuiker, honing, maizena, tarwebloem en witbrood.

Suikers, zetmeel en vezels

Suiker is een verzamelnaam voor alle soorten mono-en disacchariden.

Zetmeel is een verteerbare polysaccharide.

Vezels zijn onverteerbare oligo-en polysacchariden. Vezels worden ook wel prebiotica genoemd. Vezels zijn verdeelt in oplosbare en onoplosbare vezels.

Suikers, betekenis, verschillen en overeenkomsten tussen benamingen

Natuurlijke suikers is een ander woord voor ongeraffineerde suikers.

Toegevoegde suikers zijn suikers die worden toegevoegd aan voedingsmiddelen in de fabriek of thuis bij de bereiding.

Vrije suikers zijn alle toegevoegde suikers plus de suikers die aanwezig zijn in honing, siropen, vruchtensap- en concentraat.

Extrinsieke suikers zijn een ander woord voor toegevoegde suikers of vrije suikers. Deze benaming vind je vooral terug in tandheelkundige literatuur.

Intrinsieke suikers is de benaming voor suikers die van nature in producten voorkomen zoals de suikers in melk of fruit.

Melksuiker, ook wel lactose genoemd, is een disaccharide. Lactose is opgebouwd uit 1 molecuul galactose en 1 molecuul glucose. Melksuiker dankt zijn naam aan het feit dat het van nature in melk voorkomt.

Vruchtensuiker, ook wel fructose genoemd, is een monosaccharide die van nature in fruit voorkomt. Het is zowel een intrinsiek als extrinsieke suiker.

Galactose, één van de drie monosacchariden.

Druivensuiker, ook wel bekend onder de naam glucose, is een monosaccharide die van nature in druiven voorkomt.

Saccharose, komt van nature voor in bieten en suikerriet. Saccharose is opgebouwd uit 1 molecuul fructose en 1 molecuul glucose.

Meer weten over voeding?

Interview Mirjam Oosting

Aangenaam kennis te maken!

Mijn naam is Mirjam Oosting, ik ben 25 jaar en woon sinds vorig jaar samen met mijn vriend in Den Haag. Ik ben geboren en getogen in Groningen en heb hier de MBO-opleiding tandartsassistente gevolgd aan het Noorderpoort College Groningen. Na het afronden van deze opleiding, begon het bij mij al vrij snel te kriebelen om verder te studeren. Na een half jaar werken als tandartsassistente bij Freek Dubbeling gaf ik aan meer zelfstandigheid te willen in mijn werkzaamheden. Freek Dubbeling, een gedreven tandarts uit Groningen, spoorde mij aan om verder te gaan studeren. Om deze reden besloot ik mij aan te melden voor de HBO bachelorstudie Mondzorgkunde aan de Hogeschool Utrecht. Na de decentrale selectie werd ik aangenomen om hier te gaan studeren en begon op 19-jarige leeftijd met de studie.

Bijbaantjes en een minor ondernemen

Naast het studeren was ik werkzaam in diverse algemene tandartspraktijken, een tandartsspoedpraktijk en bij een mondhygiënistenpraktijk. Mijn sociale leventje had ik even op een wat lager pitje gezet. Ook heb ik een interessante stage mogen lopen in het Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg, hier heb ik stagegelopen binnen de vrijgevestigde mondhygiënistenpraktijk in het ziekenhuis, bij Centrum Bijzondere Tandheelkunde en op de afdeling Mond-, kaak- en aangezichtschirurgie. In het laatste jaar van de studie heb ik voor de minor ondernemerschap gekozen, welke in samenwerking was met Student Inc. Een echte aanrader! Tijdens deze minor kwam ik erachter dat een eigen praktijk écht iets voor mij is. Ik vind het leuk om altijd met mijn werk bezig te zijn. Vrienden worden ook wel eens gek van mij, dat ik het altijd alléén maar over tanden heb of dat ik hen een tandenborstel probeer aan te smeren 😉

Vertel eens over de nieuwe praktijk?

Focus Mondzorg, dat is de naam van mijn mondhygiënistenpraktijk. Ik ben tot deze naam gekomen, doordat ik altijd gefocust ben op de mondzorg. Hiernaast betekent ‘focus’ het begin van het ontstekingsproces, wanneer je dit op zoekt in het tandheelkundig woordenboek. Ook is focus het punt in het röntgenapparaat waar de röntgenstraling het apparaat verlaat.

Mirjam Oosting in haar nieuwe praktijk

Waar is de praktijk?

Als alles volgens plan verloopt, dan hoop ik per 1 september 2021 open te gaan. De mondhygiënistenpraktijk zal zich vestigen in een BIZ-gebied, in één van de leukste winkelstraten van Den Haag, namelijk aan de Denneweg nummer 66. 

Wie ga je behandelen?

Mijn focus zal liggen op de patiënten in de leeftijdscategorie 25-45 jaar, dit aangezien dit de grootste populatie is binnen het centrum van Den Haag. Ook val ik zelf binnen deze categorie, hierdoor kan ik mij beter inleven in wat deze patiëntengroep belangrijk vindt aan een bezoek aan de mondhygiënist. In beginsel zal ik hier alleen werkzaam zijn en zal ik met name voorlichting -en instructie geven, gebitsreiniging -of parodontale behandelingen uitvoeren bij de volwassen patiënt. Hiernaast zal ik ook mondverzorgingsproducten gaan verkopen van het Zwitserse merk Curaprox. Patiënten kunnen bij mij enkel pinnen. Zij krijgen de factuur per mail toegestuurd en kunnen deze eventueel indienen bij hun zorgverzekeraar.

Voeding in de praktijk van de mondhygiënist. Wat zijn jouw ambities?

Mijn ambities op het gebied van voeding en mondgezondheid is patiënten bewust maken van de invloed van voeding op de mondgezondheid. Ik vraag patiënten naar hun aantal eet -en drinkmomenten op een dag, welke voedingsmiddelen zij op een dag nuttigen. Ik heb het dan met name over zure producten, deze kunnen tanderosie veroorzaken en gevoeligheidsklachten veroorzaken. Hiernaast heb ik het ook over zoete producten, welke kunnen leiden tot gaatjes. En wanneer ik aanslag ik de mond tegenkom, probeer ik te achterhalen wat de oorzaak hiervan is. Tandaanslag kan bijvoorbeeld komen door roken, drinken van koffie, maar ook door voedingsmiddelen zoals sojasaus.

Wil je gaan samenwerken met een diëtist?

Ik sta ervoor open om samenwerkingen aan te gaan met diëtisten in de buurt. Dus mocht iemand het artikel lezen en in de buurt gevestigd zijn van de Denneweg 66 in Den Haag, dan zou ik het leuk vinden als diegene contact met mij opneemt.

Wat heb je nog nodig om de samenwerking mondhygiënist-diëtist vorm te geven?

In het verleden heb samengewerkt met een diëtist in Utrecht. Ik heb toen samengewerkt met orthomoleculair diëtist Eline Meijer, eigenaar van Diëtistenhuis in Zeist. Van deze samenwerking heb ik veel kunnen leren. Ik ben met mijn darmklachten bij Eline geweest en ik van haar toen praktische tips meegekregen, waardoor mijn klachten zijn afgenomen. Samen met Eline hebben Samen met Eline heb ik ook plannen voor de toekomst. (Red:Als hier meer over bekend is zullen we dit kenbaar maken in de nieuwsbrief.)

Wat is de meerwaarde van samenwerken volgens jou? 

Wat mij betreft heeft het een meerwaarde om samen te werken met een diëtist of diëtisten. Ik vind het zelf wel fijn als de diëtist verteld waar zijn/haar kwaliteiten liggen. Eline gaf bijvoorbeeld aan veel te doen op het gebied van darmklachten en te werken met probiotica. Wanneer ik hiervan op de hoogte ben, kan ik makkelijker verwijzen naar de betreffende diëtist. Ook is het fijn om diabetespatiënten te kunnen verwijzen naar de diëtist, of patiënten welke zwanger zijn. Maar dit geldt ook zeker andersom.
Wanneer ik met patiënten spreek, dan komen er altijd wel andere onderwerpen aan de orde. Het gaat niet altijd alleen maar over de mond, het gaat ook over de algemene gezondheid en hierbij hoort een gezonde levensstijl mét gezonde voeding.

Op welke social media kunnen mensen je volgen?

Op social media ben ik met name op Instagram actief met het account @focus_mondzorg. Hier kunnen patiënten mij volgen voor leuke weetjes, hippe mondverzorgingsproducten en patiënten casussen. Collega’s binnen de gezondheidszorg kunnen mij hier natuurlijk ook op volgen, maar men kan mij ook toevoegen op LinkedIn.

Voor welk eten kunnen we je ‘s nachts wakker maken?

Heel slecht, maar ik ben altijd wakker te maken voor een Fuet. Ik weet dat ik minder vlees zou moeten eten, dit doe ik inmiddels ook (op advies van Eline, aangezien hier mijn darmklachten vandaan kwamen). 

Aan welk voorlichtingsmateriaal met betrekking tot voeding en mondgezondheid heb je nog behoefte?

Waar ik nog op zoek naar ben, wat betreft voorlichtingsmateriaal met betrekking tot voeding en mondgezondheid, zijn met name flyers over allerlei onderwerpen, zoals: 

  • Tandaanslag, Hoe te voorkomen en hoe kom ik ervan af?
  • Tanderosie, Water met citroen, is dat nou écht zo slecht?
  • Cariës, Mag ik dan nooit meer cola drinken?
  • Zwanger! Wat kan ik beter niet eten of drinken?

Ik zou het fijn vinden als het voorlichtingsmateriaal toegankelijk wordt gemaakt, met leuke afbeeldingen en met een vleugje humor.

Red: heb jij hier ook behoefte aan? Laat het ons weten!

Wat is jouw take home message?

Mijn tip voor iedereen is: gebruik ragers, want ook tussen de tanden -en kiezen in blijft tandplaque zitten.

KIMO-richtlijn Cariës bij jeugdigen

Preventie en leefstijl bij cariës.
Hoe ontstaan cariës? Wie al een tijdje meegaat leerde ooit dat het een infectieziekte was. Maar nu is er een nieuwe hypothese. Een hypothese die het belang van leefstijl ondersteunt.

De ecologische plaque hypothese

Volgens de ecologische plaque hypothese is de oorzaak van cariës gelegen in een veranderde samenstelling van de biofilm.

Darmmicrobiota en mondmicrobiota

Deze nieuwe hypothese sluit goed aan bij de bevindingen uit onderzoek. Bij een voeding hoog in fermenteerbare koolhydraten verandert de samenstelling van de bacteriën in de plak naar een meer cariogene soort. Dit komt overeen met de invloed van voeding op de darmmicrobiota. Het eten van vezels beïnvloedt de de darmmicrobiota positief. Het eten van suiker zorgt voor een shift richting dysbiose. De verhoudingen tussen de gunstige en ongunstige bacteriën is niet meer in balans.

Het is te verwachten en deels aangetoond dat de voedingsadviezen die de darmmicrobiota gezond houden ook gunstig zijn voor de mondbiotica en de samenstelling van de biofilm. Een voeding met veel onbewerkte producten met veel vezels, vitamines en mineralen en weinig suiker.

Vezels hebben een gunstig effect op de samenstelling van bacteriën. Adviseer je cliënten daarom 300-500 gram groente per dag, 2 stuks fruit en 2 x per week peulvruchten. Adviseer aanvullend volkorengraanproducten.

Ontspoorde biofilm

Cariës ontstaan op basis van een ontspoorde biofilm. Behandeling is er op gericht de biofilm te herstellen en het cariësproces tot stilstand te brengen. De biofilm in balans brengen doet de mondhygiënist of tandarts door middel van drie interventies:
1.Voedingsadvies

2.Mondhygiëne

3.Fluoride (Fluoride verhoogt de hardheid van het tandweefsel tegen inwerking van zuren).

Risico op cariës

Volgens het nieuwe denken in de cariologie is het risico op cariës verhoogd als de bacterie-samenstelling in de biofilm verandert naar meer cariogeen. Je kan dit in kaart brengen door de activiteit van de cariës te meten. Als de cariës actief zijn, is het cariës risico verhoogd. Niet-actieve cariës duiden op een verlaagd risico. Een risicoprofiel stel je op door de mondhygiëne (PMO en anamnese) , fluoride (anamnese), speeksel (PMO en speekselonderzoek), algemene gezondheid (medische en sociale anamnese) en voedingssgedrag (preventieve voedingsanamnese) in kaart te brengen.

Preventie

De behandeling van caviteiten bij jeugdigen is vooral PREVENTIE. Tijdens de nascholing over de KIMO-richtlijn was dit een van de belangrijkste boodschappen. Het advies is om vanaf 9 maanden het basisadvies cariës-preventie in te zetten. Voor het gemak nog even de basis-adviezen van het ivoren kruis, aangevuld met wat aandachtspunten.

Het basisadvies cariës-preventie

Mondhygiëne en fluoride

  • Poets de gebitselementen 2x per dag
    2 minuten met de juiste fluoride tandpasta.
  • Voor kinderen van 2-4 is dit fluoride peutertandpasta
  • Voor kinderen van 5 jaar en ouder is dit een kinder-of junior tandpasta
  • Voor kinderen van 0-1 jaar is het advies 1 x per dag te poetsen (na doorbreken eerste tand) met de fluoride peuter tandpasta.
  • Laat ouders de tanden napoetsen tot een leeftijd van ongeveer 10 jaar
  • Aanvullend fluoride gebruik is in overleg en persoonsgebonden

Basisadvies Voeding

  • Maximaal 7x per dag eten of drinken. 3 hoofdmaaltijden (ontbijt, lunch,
    avondeten) en maximaal 4 tussendoortjes per dag.
  • Een vuistregel is: na eten of drinken minstens 2 uur niets meer nemen. Dit zou voor een jong kind neerkomen op maximaal 5 eetmomenten.
    • Dit komt ook overeen met onderzoek naar eetmomenten uitgevoerd door de gezondheidsraad.
  • Een uur voor het tandenpoetsen geen zure producten eten of drinken.
  • Geen voeding of dranken na het laatste tandenpoetsen om de fluoride goed te laten inwerken.
    • Benadruk dat het belangrijk is andere oplossingen te zoeken voor de zuigbehoefte van een kind. Eventueel in overleg met een lactatiekundige, diëtist of logopedist, afhankelijk van de hulpvraag.

Voedingsadvies zelf doen of uitbesteden

In de praktijk biedt een voedingsadvies vaak nog wat meer uitleg. Lees in deze blog meer over de informatie die een patiënt nodig heeft om het voedingsadvies van de tandarts goed te kunnen uitvoeren.

Het is zinvol om samenwerking met een diëtist te overwegen. Er zijn al diverse diëtisten werkzaam in tandartsenpraktijken.

Inspiratie voor deze blog

Voor deze blog heb ik me laten inspireren door Niek Opdam en Margo de Groot- Nievaart, sprekers tijdens de nascholing van de NWVT over de KiMO richtlijn.

Meer weten? De complete Nascholing Voeding en Mondgezondheid gaat ook in op de microbioom en de rol van probiotica.

Onderzoek naar samenwerking

Uit onderzoek is gebleken, dat hoewel veel mondzorgprofessionals weten dat er doorverwezen kan worden naar de diëtist, dit in de praktijk weinig gedaan wordt. Dat kan anders: voeding begint tenslotte in de mond! Zelf ben ik een groot voorstander van preventie en ik denk dat er voor mondzorgprofessionals een belangrijke signaalfunctie ligt. Zo wordt mondzorg in de toekomst niet alleen dé plek is voor behandeling, maar ook voor preventie! Iets waar we anno 2021 echt op moeten inzetten middels een interdisciplinaire samenwerking. Zo kunnen klachten eerder gesignaleerd worden, ongezonde gewoontes eerder aangepakt worden en kunnen ziektebeelden misschien wel voorkomen worden. Op naar een gezonde mondgezondheid voor op de lange termijn! 

Voor mijn afstudeeropdracht onderzoek ik de samenwerking tussen mondzorgprofessionals en diëtisten, met de hoop het aantal doorverwijzingen vanuit de mondzorg naar de diëtetiek te verbeteren in de toekomst. Dus: ben jij tandartsmondhygiënistpreventie assistent of eerstelijns diëtist? Meld je aan voor een telefonisch of Zoom interview van 15-tot 30 minuten en deel jouw ervaringen! Nog niet overtuigd? Ik mag onder de deelnemers 10 x het boek Voeding en Mondgezondheid verloten: de praktische handleiding voor (para)medici! Mag ik jou enkele vragen stellen? Ik kom graag in contact. Meld je aan via het contactformulier

Wij zullen de resultaten van het onderzoek ook publiceren in de nieuwsbrief en op deze site.

Meer lezen over dit onderwerp?

In deze blog redenen voor een diëtist om te verwijzen naar de mondhygiënist.

In deze blog redenen voor een mondhygiënist om te verwijzen naar de diëtist.

In deze blog meer over samenwerken bij diabetes.

Immuunfitness screenen bij parodontologie

In dit artikel vind je een snel screeningsinstrument om de immuunfitness van je patiënt te testen. Dit is belangrijk. Begin 2021 trad de nieuwe richtlijn parodontologie in werking als praktijkrichtlijn.

Immuunfitness is een woord dat recent werd geïntroduceerd in de parodontologie door prof. dr. Bruno Loos parodontoloog bij de ACTA. Is het toeval dat prof. Loos studeerde ook een tijd in Loma Linda, een van de blue zones van de wereld. Een blue zone is een gebied waar mensen gezonder leven. Het gevolg: mensen die leven in de blue zones worden ouder dan in andere gebieden. Leefstijl is een van de vijf factoren die immuunfitness bepalen. Hoe voer je een snelle screening uit in de praktijk? Om je te helpen maakte ik dit handig overzicht:

Waarom is het belangrijk voor tandartsen en mondhygiënisten om de immuunfitness te weten?

De immuunfitness bepaalt de gastheer-respons op de ontsteking. De ontsteking blijft voorduren als de immuun-respons niet adequaat is. Dit kan leiden tot het chronisch worden van de aandoening. De immuunrespons wordt beïnvloedt door de volgende factoren:

  1. genetische en epigenetische factoren
  2. co-morbiditeit
  3. lokale, tandheelkundige en willekeurig acterende factoren
  4. pathobionten in een dysbiotische subgingivale biofilm
  5. leefstijlfactoren

Niet alle bovenstaande factoren zijn door de tandarts, mondhygiënist of patient te beïnvloeden. En juist over die beïnvloedbare factoren wil ik het graag hebben. Want hoe screen je nu snel in de beïnvloedbare leefstijlfactoren in de praktijk?

Tijdens het zeer informatieve webinar van de NVVP over de richtlijn parodontologie worden de volgende factoren onder leefstijlfactoren geschaard:

  1. roken
  2. diabetes mellitus, indien ontregeld*
  3. stress
  4. voeding
  5. beweging

*Diabetes mellitus is strikt genomen geen leefstijlfactor, maar een ziekte of co-morbiditeit.

Leefstijl-screening mondjesmaat

Het is niet in alle praktijken gangbaar om de leefstijl te screenen. Samen met Tiffany Claus ontwikkelde ik een tool (de informed-app) om de leefstijl te screenen. In de praktijk wordt dit nog maar mondjesmaat gebruikt.
Vanaf nu kan een leefstijl-screening niet meer uitblijven in de tandheelkundige of mondzorgpraktijk. Met de nieuwe richtlijn parodontologie ontkom je er niet meer aan. Om de drempel te verlagen introduceer ik hierbij de 5 minuten leefstijl screening voor tandartsen en mondhygiënisten:

Roken

Breng het rookgedrag in kaart. De prognose parodontitis is slechter bij ≥10 sigaretten per dag.

Diabetes Mellitus:

Een goed ingestelde diabetespatiënt heeft een betere prognose bij parodontitis. Daarom is het belangrijk om in kaart te brengen of je patiënt goed is ingesteld. Neem eventueel contact op met de huisarts, praktijkondersteuner, diëtist of diabetesverpleegkundige om de glucosewaarden verder te verbeteren met voedingsadvies (eventueel in combinatie met medicatie)

Hieronder vind je de normaalwaarden bij diabetes:

  • Nuchter bloedglucose tussen 4,5 en 8 mmol/l.
  • Bloedglucose 2 uur na de maaltijd ≤ 9 mmol/l.
  • HbA1c voor mensen jonger dan 70 jaar: ≤ 53
  • HbA1c voor mensen ouder dan 70 jaar (en korter dan 10 jaar diabetes mellitus: ≤ 58
  • HbA1c voor mensen ouder dan 70 jaar (en langer dan 10 jaar diabetes mellitus: ≤ 64

Aanvullende aandacht voor het reguleren van de glucosewaarden is noodzakelijk als:

  • Nuchter bloedglucose 8 mmol/l.
  • Bloedglucose 2 uur na de maaltijd 9 mmol/l.
  • HbA1c voor mensen jonger dan 70 jaar: 53
  • HbA1c voor mensen ouder dan 70 jaar (en korter dan 10 jaar diabetes mellitus: 58
  • HbA1c voor mensen ouder dan 70 jaar (en langer dan 10 jaar diabetes mellitus: 64

HbA1c als een maat voor diabetescomplicaties

Het HbA1c (of glyHb) geeft het percentage geglycolyseerde (versuikerde) rode bloedcellen aan. Glucose gaat een verbinding aan met de rode bloedcellen, die een levensduur hebben van 2-3 maanden. Het HbA1c weerspiegelt dus het gemiddelde glucosegehalte in de voorafgaande 2-3 maanden. Hoe hoger het bloedglucose, hoe hoger de glycolysatie. Bij mensen zonder diabetes is het HbA1c 20-42 millimol per mol. Dit glycolysatie proces is exact hetzelfde proces dat zorgt ook voor het ontstaan van Advanced Glycolysation Endproducts (AGE’s), welke mede verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van diabetes complicaties. Hoe hoger dus het HbA1c, hoe hoger de kans op complicaties.

Stress

Hoe meet je stress? Voor het uitvragen van stress kan je de Holmes-Rahe Stress Inventory gebruiken. (Deze is ook in de informed-app aanwezig). Deze vragenlijst kunnen patiënten eenvoudig invullen in de wachtkamer. De vragenlijst bestaat uit 43 vragen. De patient vult alle grote ‘live-events’ die het afgelopen jaar hebben plaatsgevonden in op de lijst. Op de lijst staan onder andere een huwelijk, verhuizing, geboorte, vakantie, een financiële lening. Al deze gebeurtenissen leveren een bepaalde mate van stress. Om een voorbeeld te geven. De dood van een partner geeft de meeste stress; 100 punten een verkeersboete de minste 11 punten. Om de uitslag te interpreteren kan je het volgende aanhouden:

150 punten:
de kans op stress gerelateerde gezondheidsklachten is relatief laag.

150 tot 300 punten:
50% kans op gezondheidsproblemen gerelateerd aan stress in de komende 2 jaar

≥300 punten:
80% kans op gezondheidsproblemen in de komende 2 jaar, volgens het statistische voorspellingsmodel van Holmes-Rahe

Neem in je overweging ook mee of doorverwijzing naar een psycholoog voorrang heeft op de (initële) paro-behandeling

Beweging

Om een inschatting te maken van de hoeveelheid beweging kan je de beweegnorm gebruiken. Indien de patiënt onder de beweegnorm komt is het zinvol hier ook actie op te ondernemen.
Iemand zit onder de beweegnorm als deze:

  • vaak stilzit
  • 2,5 uur per week matig intensief beweegt
  • 2 keer per week activiteiten ontplooit die spieren en botten versterken

Samenwerken met een leefstijl coach, fysio of fitness instructeur kan zinvol zijn.

Voeding

Het beoordelen van de voeding doen we in twee stappen:

1. Wat iemand eet (voedingskwaliteit).

2. hoeveel iemand eet (energie-inname).

Voedingskwaliteit

Wil je heel snel een indicatie van de gezondheid van de voeding vraag dan in ieder geval het groente, fruit en suikergebruik uit. Hieronder vind je een overzicht met de interpretatie.

Extra aandacht voor voeding is in ieder geval nodig als patient het volgende eet:

≤ 200 gram groente per dag (snelle check: helft van bord avondmaaltijd gevuld met groente)
≤ 200 gram fruit per dag (dit is gemiddeld 2 stukken fruit van 100 gram) Klein fruit zoals pruimen en kiwi’s wegen de helft.
≥ 1 glas alcohol per dag (7 per week)
≥ 25 gram toegevoegde suikers per dag (uit ontbijtgranen, suikerrijke dranken, snoep, koek, gebak etc)

Je kan bovenstaande vragen uitbreiden met de volgende vragen:
≤ 1 x per week (vette) vis (geen gefrituurde en gepaneerde vis)
≤ 1 x per week peulvruchten (bonen, linzen, erwten)
≥ 3 x per week rood en bewerkt vlees
Kiest voornamelijk voor producten zonder volkoren label (geraffineerd brood, rijst en pasta)

Als op basis hiervan de voeding onvolwaardig lijkt te zijn, neem dan een uitgebreide voedingsanamnese af of verwijs door naar een diëtist. Uiteindelijk moet voor optimale behandeling de patiënt ook gezonder gaan eten.

Wil je graag een volledige voedingsanamnese gericht op parodontitis afnemen om een nog betere risicoinschatting te maken?
In de informed-app is een voedingsanamnese gericht op parodontitis aanwezig voor iedereen die de voedingsanamnese een onderdeel wil maken van de leefstijl screening. Ben je daar nog niet aan toe? Je kan ook samenwerken met een diëtist. Heb je het gevoel over onvoldoende kennis te beschikken volg dan de nascholing voeding en mondgezondheid voor tandartsen en mondhygiënisten.

Meer leren over de invloed van voeding?

Energie-inname

Lengte en gewicht zeggen iets over energie-opname ten opzichte van het verbruik. Het is een indicatie of de patiënt voldoende, te veel of juist te weinig eet. Reken daarom altijd de BMI van je patiënt uit. Vooral omdat buikvet een belangrijke rol speelt bij de immuunfitness. Hierover spreken we uitgebreid in de e-learning voeding en mondgezondheid tandarts en mondhygiënist. Let op onderstaande uitslagen zijn voor patiënten tussen de 19 en 69 jaar. De afkapwaarden voor 0-18 jarigen en 70+ zijn anders:

BMI: 19-69 jaar

≤ 18,5
Ondergewicht
18,5 tot 25
Gezond gewicht
25 tot 30
Overgewicht
≥30
Ernstig overgewicht (obesitas)

BMI: 70 jaar en ouder

≤ 22
Ondergewicht
22 tot 28
Gezond gewicht
28 tot 30
Overgewicht
≥30
Ernstig overgewicht (obesitas)

Je kan de BMI uitrekenen door de lengte in het kwadraat te delen door het gewicht. Je kan ook gebruik maken van een BMI-calculator. Nog belangrijker is patiënten hun middel op te laten meten. Patiënten kunnen dit thuis zelf doen. De middelomtrek van een man moet minder zijn dan 94 (gemeten over de navel). Die van een vrouw minder dan 80 centimeter.

Middelomtrek man:

normaal: ≤ 94

verhoogd: 94 tot 102 cm

te hoog 102 cm

Middelomtrek vrouw:

normaal: ≤ 80

verhoogd: 80 tot 88 cm

te hoog 88 cm

Voor alle meetwaarden geldt natuurlijk dat er uitzonderingen zijn (groepen of omstandigheden waarbij je deze meetwaarden anders moet interpreteren.

Knijpkrachtmeting

Alhoewel er geen directe voorspellende relatie is tussen parodontitis en de knijpkracht, kan een knijpkrachtmeting wel helpen om de fysieke fitheid van een persoon te meten. Het gebruiken van een hand dynamometer geeft je goede informatie over de spiermassa in het lichaam. Daarnaast helpt het de patiënt te ervaren dat de totale gezondheid en de mondgezondheid niet los van elkaar gezien kunnen worden. Meer lezen over het verrichten van een knijpkrachtmeting vind je hier.

help, ik krijg Parodontitis niet onder controle!

Alles lijkt goed

November 2020 krijg ik via de website een whatsapp-berichtje van een mondhygiënist:
Ik heb een patiënt (vrouw 43) die ik parodontaal niet onder controle krijg. Er is geen subgingivaal tandsteen aanwezig in de pockets en de patiënt heeft een goede mondhygiëne. Het bloedingspecentage is te hoog en de pockets reduceren niet. Er is een bacteriekweek gedaan en daar komt niets uit. Ik heb samen met een collega naar deze patiënt gekeken. We weten het niet goed meer. Het bloedglucose van mevrouw is geprikt. Deze was normaal. Mevrouw gebruikt geen medicatie en heeft een normaal postuur. Zij slikt geen extra vitamine D. Ik heb de voeding nooit uitgebreid besproken. Ik wil mevrouw laten prikken op een aantal vitamines en mineralen. Om te kijken of daar een oorzaak ligt. Heeft u suggesties?

Mijn advies is om niet als eerste op vitamines en mineralen te testen, maar eerst eens te kijken of de voeding van mevrouw volwaardig is. Mijn advies is om eerst een voedingsanamnese af te nemen. In december 2020 nemen 2 studenten van de Hogeschool van Amsterdam telefonisch een voedingsanamnese af bij de patiënt. Zij gebruiken hiervoor de dietary history methode. Zij vragen 1 dag door de weeks en een dag in het weekend na. 

Voedingsanamnese

Ontbijt

  • Wisselt tussen yoghurt (meestal Griekse met 10 procent vet)
  • In yoghurt kaneel en blauwe druiven of blauwe bessen of
  • 1 snee bruin brood met kipfilet.
  • 1-2 koppen groene thee of zoethout thee zonder suiker en melk

Tussendoor ochtend

  • 2 koppen koffie zwart.
  • 1 rijstwafel meergranen met filet american of kipfilet
  • Af en toe iets zoet ipv rijstwafel, bijvoorbeeld speculaas. 

Lunch

  • constanter tijdens werk. Wisselt thuis nu met Covid-19.
  • 1-2 sneetjes bruin brood met filet american of kipfilet of tosti met kaas
  • 2-3 x per week eitje (gekookt of gebakken in vloeibare margarine)
  • In het weekend meestal twee worstenbroodjes

Tussendoor middag

  • Fruit, maximaal 3 keer per week bijvoorbeeld banaan of appel.
  • Groenten wel soms tussendoor, avocado of wortels. Alleen niet met constante regelmaat. 
  • Ook thuisgemaakte soep tussendoor (nu ze thuiswerkt regelmatig)
  • Geen zoete dranken alleen 1 keer per week jus d orange. 
  • groene thee of zoethout thee zonder suiker en melk
  • In het weekend borrel:
    1 handje nootjes gemengde ongezouten noten
    Blokjes kaas 50-75 gram of dun gesneden serranoham 50 gram.  
  • Ma-do geen alcohol. In het weekend- wijntje (1 fles)

Avondmaaltijd

  • Aardappelen niet tot nauwelijks
    Meestal rijst= zilvervliesrijst of basmati rijst of pasta (wit).
    Hoeveelheid 4-5 opscheplepels.
    Probeert vooral te luisteren naar haar lichaam. Is zich bewust dat ze soms te veel eet.
  • Vlees vooral rundvlees of kip.
    1-2 x per week vis. Meestal zalm of witvis (pangasiusfilet), blikje tonijn soms voor salade
    Hoeveelheid 100-150 gram. 
  • Half bord groenten broccoli of boontjes of roerbakpakket (gewicht onbekend)
  • Geen sauzen en jus over gerechten. Bij Aziatisch gerecht wel woksaus en ketjap.
  • Zout toegevoegd aan het kookwater

Verdeeld over de dag

  • 1,5 liter water.
     

Bevindingen uit de anamnese

BMI en gewicht

De BMI van mevrouw is 26,2. Haar gewicht is nu 82 kilogram met een lengte van 1,77m. Een BMI hoger dan 25 betekent overgewicht. Om op een BMI tussen de 20-25 (normaal gewicht) te komen zou mevrouw maximaal 78 kg mogen wegen. Het advies is om het gewicht te reduceren en daarbij vooral de hoeveelheid buikvet als leidraad te nemen. Wij adviseren om in de praktijk de buikomvang te meten of de middel-heup ratio.

Waarom?

Parodontitis komt vaker voor bij mensen met overgewicht dan bij mensen zonder overgewicht. Dit heeft met name te maken met de productie van cytokinen (door buikvet) in het lichaam en dus ook invloed heeft op de toestand van het parodontium. Bij energie inname staat de kwaliteit van voeding centraal staan. Een kwalitatief goede voeding bestaat uit zo min mogelijk bewerkte producten.

In het weekend is de gerapporteerde energie-inname hoger dan (2228 kcal)  dan die van een (1306 kcal) doordeweekse dag. Het is aannemelijk dat mevrouw meer energie binnenkrijgt dan uit de anamnese is gekomen of een minder actieve levensstijl heeft dan is aangenomen. Er lijkt sprake te zijn van onderrapportage. De gemiddelde energiebehoefte van mevrouw op basis van leeftijd en lichte/ matig bewegingspatroon is 1873 – 2146 kcal/dag.

Vezels

De inname van voedingsvezels (gemiddeld 16 gram per dag) is te laag. Het advies is minimaal 25 gram per dag. Een hogere vezelinname draagt bij aan het verzadigingsgevoel. Dit kan zorgen voor een reductie aan energie inname en heeft dus ook invloed op het gewicht. 
Onderzoek toont eveneens aan dat proefpersonen met een hoge vezelinname minder vaak parodontitis ontwikkelen dan mensen met een lage vezelinname.  

Advies: 

Eet volkorenbrood, let bij de aankoop van brood op het vezelgehalte. Kies voor volkorenpasta en zilvervliesrijst. Meng dit eventueel eerst met de witte variant, zo kan de smaak wennen. Eet voldoende groente en fruit, belangrijke leveranciers van voedingsvezels. Aan de yoghurt kan men haverzemelen, noten en zaden toevoegen voor extra vezels. Denk aan lijnzaad, chiazaad, maanzaad etc.

Zoutinname

De maximale dagelijkse hoeveelheid zout is 6 gram per dag. De zoutinname van mevrouw op een gemiddelde doordeweekse dag is iets hoger dan 6 gram. In het weekend veel te hoog, bijna 10 gram. 

Advies:

Het advies is om de hoeveelheid zout te verlagen. Dit kan door als tussendoortje te kiezen voor onbewerkte groente, fruit en ongezouten noten en de hoeveelheid gezouten snacks en kant-en-klaar producten, kaas en vleeswaren te beperken (deze dragen voor 80% bij aan de zoutinname. 
Ook andere gemaksproducten bevatten veel zout zoals sauzen, bouillonblokjes, curry en andere dergelijke pasta’s. De verpakking lezen helpt bij de besluitvorming.
Om de zout (natrium) inname te reduceren is het belangrijk om te letten op de hoeveelheid zout die een product bevat en bescheiden zijn met het toevoegen van zout aan de maaltijd. Daarnaast kan het vervangen van zout met kruiden ook een passende optie zijn. Denk eraan dat de zout richtlijn op 6 gram per dag staat!

Er is zover ik weet geen direct verband tussen parodontitis en de zoutinname, maar wel met de algehele gezondheid. Naast zout heeft zoethout thee ook invloed op de bloeddruk.

Alcoholgebruik

Mevrouw drinkt in het weekend meer dan 1 glas per dag. De aanbeveling is niet meer dan 1 glas per dag te drinken en bij voorkeur niet. Alcohol gebruik heeft een negatief effect op parodontis. Meer hierover leest je hier. Ik schreef ook eerder deze blog.

Advies:

Geen alcohol

Fruit en groente inname

Op dit moment eet mevrouw maximaal drie stuks fruit per week. Dat is minder dan de aanbeveling van 2 stuks per dag. De hoeveelheid groente die mevrouw eet lijkt voldoende. Een half bord is meestal wel rond de 250 gram.

Advies:

Wij willen haar adviseren bewust te letten op voldoende inname van groente en fruit.
Ze kan deze richtlijn aanhouden: (minimaal) 200 gr fruit en (minimaal) 250 gr groente per dag moet het streven worden.

Micronutriënten

Mevrouw rookt een e-sigaret. Het is ons niet bekend welke invloed dit heeft op het vitamine C verbruik. Het vitamine C gehalte van rokers (normale sigaret) met parodontitis is vaak wel verlaagd. Wij raden aan dit te onderzoeken en in ieder geval de vitamine C inname te optimaliseren.

Uit de anamnese blijkt aanvullend dat haar calciuminname (400 mg) laag is. Bij parodontitis is een minimale inname van minimaal 500 mg wenselijk. Magnesium,  ijzer en B-vitamines zijn bij mevrouw ook aan de lage kant. Het is zinvol om de inname te verhogen door de voeding te optimaliseren. Als leidraad kan ze hierbij de schijf van vijf of de Voedingspiramide gebruiken. Voor de inname van voedingsstoffen verwijs ik naar de tabel helemaal onderaan de pagina.

Tot slot adviseren wij haar contact op te nemen met een diëtist, bij voorkeur met kennis over de relatie tussen voeding en parodontitis. De diëtist helpt bij het implementeren van een gezond voedingspatroon.

Tips voor in de praktijk:

  • Meet de middelomtrek (en weeg de patiënt). Het is niet altijd makkelijk te zien of iemand overgewicht heeft
  • Neem een voedingsanamnese af en/ of werk samen met een diëtist. Meer over vergoedingen van een voedingsadvies vind je hier.
  • De meeste Nederlanders eten onvoldoende groente en fruit blijkt uit de laatste voedselconsumptiepeiling. Je kan hier dus bijna aan iedereen wel advies over geven. Een voorbeeld voeding vind je hier.
  • Wil je ook eenvoudig voedingsanamneses afnemen in je praktijk, kijk dan hier. Het programma kent vier verschillende anamneses om zelf screening in de praktijk uit te voeren.

Inname van voedingsstoffen

Dikgedrukt en onderstreept: hoger dan de aanbeveling

Schuingedrukt en onderstreept: lager dan de aanbeveling

DoordeweeksWaardenenergie%WeekendWaardenenergie%
Energie (kcal)1306100Energie (kcal)2228100
Vet (g) totaal45,931,6Vet (g) totaal101,340,9
Waarvan Verz. vet (g)12,98,9Waarvan Verz. vet (g)35,514,3
Eiwit (g)66,520,4Eiwit (g)11620,8
Koolhydr (g)148,445,5Koolhydr (g)151,427,2
Waarvan suikers (g)4112,6Waarvan suikers (g)203,6
Vezels (g)14,82,3Vezels (g)17,31,6
Zout (g)6,19Zout (g)9,87 
Alcohol (g)0Alcohol (g)309,4
Water (g)2487Water (g)2796
Natrium (mg)2474Natrium (mg)3945
Kalium (mg)1879Kalium (mg)3048
Calcium (mg)327Calcium (mg)675
Magnesium (mg)201Magnesium (mg)330
IJzer (mg)6,6IJzer (mg)15,1
Selenium (µg)64Selenium (µg)65
Zink (mg)5,8Zink (mg)21
Vit. A (µg)510Vit. A (µg)594
Vit. D (µg)3,1Vit. D (µg)3,5
Vit. E (mg)14,6Vit. E (mg)16,4
Vit. B1 (mg)0,45Vit. B1 (mg)0,76
Vit. B2 (mg)0,87Vit. B2 (mg)1,1
Vit. B6 (mg)1,69Vit. B6 (mg)1,29
Foliumzuur (µg)182Foliumzuur (µg)299
Vit. B12 (µg)1,45Vit. B12 (µg)6,87
Niacine (mg)18Niacine (mg)26,3
Vit. C (mg)90Vit. C (mg)122
Jodium (µg)136Jodium (µg)143
Fosfor (mg)924Fosfor (mg)1610

TV kijken schadelijk voor het gebit van kinderen?

Lekker TV kijken

Iedereen vindt het wel lekker om op de bank te zitten en tv te kijken. Kinderen vinden dat natuurlijk ook. Voor ouders is het makkelijk als de kinderen bezig zijn, helemaal als je voor je werk een gesprek moet voeren of aan het koken bent. Kinderen vinden het heerlijk om vermaakt te worden. Er zijn erg leuke informatieve programma’s, waar kinderen zeker iets van kunnen leren.  Tijdens het kijken naar de televisie zien kinderen ook reclame.

Reclame en cariës

Voor kinderen is het lastig om onderscheid te maken tussen reclame en informatieve programma’s. De reclames hebben negatieve effecten op de gezondheid van het kind. In een onlangs verschenen Amerikaans onderzoek over de invloed van TV kijken op het ontstaan van cariës bij schoolkinderen vonden onderzoekers een verband met de mondgezondheid. De onderzoeksgroep concludeerde dat kinderen tussen de 10 en 12 jaar, die meer dan 90 minuten per dag tv kijken, meer kans hebben om cariogeen voedsel te consumeren. Een belangrijke oorzaak hiervan is de reclame gericht op kinderen. Nu is het zo dat de regels voor TV-reclame voor kinderen in Nederland anders zijn dan in Amerika, dus in hoeverre de onderzoeksresultaten voor Nederland gelden is niet helemaal duidelijk.

Regelgeving Nederland

In Nederland zijn ze al langer bezig met het beperken van reclames voor ongezonde voedingsmiddelen. Reclames gericht op kinderen jonger dan 12 jaar zijn niet toegestaan. Uitzondering hierop is als het initiatief wordt ondersteund door de overheid of een andere erkende organisatie op het terrein van voeding en gezondheid. Reclame voor gezonde producten zoals appels en peren is wel toegestaan. Wel is het zo dat de regels voor kindermarketing volgens sommige ook in Nederland nog niet streng genoeg zijn. Nog steeds zie je in de supermarkt verpakkingen met afbeeldingen van stripfiguren zoals Dora en Spongebob. Ouders zijn niet ongevoelig voor de wensen van hun kind en kopen onder invloed hiervan meer suikerrijk voedsel.

Kritiek

In de Reclamecode gepubliceerd  1 februari 2019, is afgesproken dat kinderidolen van de verpakking zullen verdwijnen. Volgens de consumentenbond zijn hiermee kinderen nog steeds niet voldoende beschermd tegen kindermarketing voor ongezonde producten.
De industrie hanteert de eigen criteria, hierdoor is kindermarketing nog steeds mogelijk. De Consumentenbond probeert ervoor te zorgen dat de fabrikanten de speciaal opgestelde WHO-criteria of de Schijf van Vijf criteria gebruikt. De Consumentenbond zit in het bestuur van de Stichting Reclame Code. Zij geven aan dat zij de nieuwe reclamecode niet hebben ondertekend, omdat zij de overgangstermijn van bijna anderhalf jaar te lang vinden. De consumentenbond is niet de enige die kritisch is over kindermarketing. EOS Wetenschap heeft ook een interessante blog geschreven over kindermarketing.

Dan maar zelf!

Waarschijnlijk duurt het nog wel even voordat wetgeving geregeld is. Daarom hier alvast een aantal tips om om te gaan met kindermarketing! Diëtisten, tandartsen en mondhygiënisten die zich bezighouden met voeding en preventie kunnen deze tips meegeven aan ouders.

Tips die je mee kan geven aan ouders:

  • Neem uw kind niet mee naar boodschappen
  • Geef uw kind beloning voor fruit/groenten, zodat ze iets kunnen sparen bij gezond eten
  • Maak afspraken met uw kind voor om 1 keer in het week ongezond te eten (tot die tijd zullen ze wel gezond moeten eten)
  • Haal hoeveelheden in huis die per week genuttigd mogen worden
  • Beperk de tijd voor het kijken van televisie
  • Laat uw kind naar Youtube Kids kijken en niet naar Youtube (gewone Youtube heeft veel reclames tussendoor en veel product placement)
  • Leer kinderen wat reclame en product placement is
  • Geef de folder mee. Download gratis de kinderfolder

E-learning Mondhygiënist downloaden

Ben jij een KRM mondhygiënist en wil je meer over dit onderwerp weten? Je krijgt 20 mondzorg punten voor het volgen van de e-learning voeding en mondgezondheid. Diëtisten ontvangen 19,5 ADAP punten voor het volgen van de e-learning voeding en mondgezondheid voor diëtisten.

Contact opnemen

Heb je een vraag of opmerking? Neem eenvoudig contact op via het contactformulier.

Keuze voor Invisalign & Voeding

Invisalign was de eerste op de markt met plastic doorzichtige beugels die je bijna niet zag. Net als bij Chocomel, wordt de merknaam daarom ook gebruikt om de plastic hoesjes mee aan te duiden, ook al zijn er inmiddels verschillende andere merken op de markt.

  1. Voorkomen is beter dan genezen
  2. Preventie begint bij monitoren
  3. Mogelijkheid tot goed reinigen
  4. Drankadvies
  5. Niet geschikt bij risico op ondergewicht
  6. Hypoglycemie
  7. Risico-analyse

De schrijfster van de blog heeft er nu zelf ook één! 12 jaar geleden begonnen twee tanden in mijn onderkaak, (die in de pubertijd netjes waren rechtgezet met een beugel), verder naar achter te staan. Eerst een klein beetje, toen steeds meer. Het schoonhouden werd moeilijker en ook verloor ik een stukje tand. Volgens de tandarts het gevolg van de nieuwe stand.

Voorkomen beter dan genezen

De schuiving begon met een kleine verandering. Ik vind het belangrijk dat de mondhygiënist en de tandarts deze verschuiving signaleren en gelijk bespreken met de patient. Het is preventie als de mondhygiënist of tandarts aangeven: Ik zie een verschuiving vergeleken met een jaar geleden. Dit stopt niet automatisch, wat gaan we doen? Dit verwacht ik van mijn mondzorgverlener en hoort naar mijn mening onderdeel te zijn van de lange termijnstrategie dat je samen met opstelt: Het zorgplan.

Lang verhaal kort, mijn mondzorgverleners (in Nederland, Amerika en Engeland) bespraken een dergelijke lange termijndoelstelling niet en nu heb ik dus een ‘onzichtbare beugel.’

Preventie begint bij monitoren

Voorkom dat je patiënten voor de tweede keer moeten beugelen, door de stand van de tanden goed te monitoren en te bespreken wat de mogelijkheden zijn (preventief en curatief), de kosten (op korte en lange termijn) en de voordelen voor de gezondheid (op korte en lange termijn).

Hiervoor is de Informed-App een uitstekende tool, waarbij de zorgverlener de cliënt helpt na te denken over de lange termijn effecten en doelen van mondzorg en het maken van een zorgplan voor de lange termijn. Acute problemen kunnen ingebed worden in de lange termijnvisie die de patient samen met de mondzorgverlener heeft bepaald. Dit gesprek kan ook prima op afstand plaatsvinden. Soms is dit misschien zelfs beter, omdat mensen letterlijk meer afstand ervaren en daardoor mogelijk minder sociaal wenselijk antwoorden. Je kan het gespreksverslag documenteren en ook naar de cliënt sturen. Voor het vervolgconsult kan je ook de client vragen om de informatie en afspraken nog eens door te nemen. En te vragen of dit nog steeds van toepassing is. Het kan immers zo zijn dat werkomstandigheden, wensen en een financiële situatie is veranderd. Enkele overwegingen die bepalen of aligners een passende oplossing zijn voor de patiënt vind je hieronder.

Mogelijkheid tot goed reinigen

Natuurlijk verhoogt Invisalign het risico op cariës. De natuurlijke speekselvloed kan de tanden niet schoonhouden als deze beschermt wordt door een hoesje. Dus voordat de aligners in gaan moeten de tanden goed schoongemaakt worden. Dat betekent dat de cliënt na iedere maaltijd heel goed de tanden moet poetsen en tussen je tanden moet reinigen, want bacteriën hebben vrij spel! Een beetje reinigen of half reinigen uit zich aanzienlijk sneller in caviteiten.

Ik zou per definitie aanraden om geen zoetigheid te gebruiken, ook niet bij de maaltijden, omdat er meer kans is dat er suiker achterblijft op de tanden. Thuis kan je prima je gebit zeer goed reinigen na iedere maaltijd, maar in restaurants of onderweg is dat niet altijd evident. Het werk wat je cliënt doet kan daarom zeker van invloed zijn op de keuze voor Invisalign.

Adviseer je cliënten een flesje water mee te nemen en meerdere tandenborstels te kopen, zodat er in elke jaszak of tas een zit. Geef ook wat kleine tubetjes tandpasta mee, want juist nu is die extra bescherming tegen cariës zo belangrijk.

De voedingsadviezen ter preventie van cariës bij een droge mond zijn zeer toepasbaar voor Invisalign-gebruikers. Weeg ook af of extra preventieve maatregelen nodig zijn zoals sealants.

Drankadvies

In de informatie van Invisalign staat dat je geen zoete dranken zou moeten drinken als je de ‘aligners’ in hebt, maar ik zou dit ook zeker niet adviseren als de ‘aligners’ niet in de mond zitten. Ik beschouw de adviezen die bij monddroogte gelden zeer actueel bij Invisalign. Warme suikervrije dranken kan je beter ook niet innemen om dat het plastic niet goed bestand is tegen hitte. Koffie kan de retainers kleuren, maar dat is een tijdelijk probleem, aangezien je wekelijks de aligners wisselt.
Zelf durf ik wel te adviseren om mensen ook koude groene thee te laten drinken voor de afwisseling (ook nog eens rijk aan stofjes die de aanhechting van S. Mutans beïnvloeden, maar het is aan de individuele zorgverlener om te besluiten of dit geschikt is. Alleen water drinken is een makkelijk te onthouden regel, welke ook niet zo makkelijk verkeerd geïnterpreteerd kan worden. Als je groene thee adviseert moet je er alweer bij vertellen dat deze koud moet zijn en zonder suiker. En dit moet je dan ook nog meegeven op papier. En als je helemaal volgens de regels van een good practice wil werken moet je de patient ook nog het verhaal in zijn eigen woorden laten herhalen om te controleren of het goed is begrepen

Niet geschikt bij risico op ondergewicht

Bij voorkeur draag je de ‘aligners’ 20-22 uur per dag. Dat betekent dat je korte periodes hebt waarin je kan eten. Een perfecte manier om op gewicht te blijven. Na elk eetmoment moet je erg goed poetsen, dus dat weerhoudt je er zeker van om vaker dan 3 keer per dag een maaltijd of tussendoortje te nuttigen. Het is een publiek geheim dat Invisalign dragers vaak gewicht verliezen. Na ieder eetmoment moeten de tanden goed gereinigd worden, wat de meeste mensen ervan weerhoudt om tussendoor wat in de mond te stoppen. Dus niet meer proeven tijdens het koken of naar de kast lopen bij verveling!

Voor mensen die snel last hebben van ondergewicht is Invisalign misschien minder geschikt. Maak deze pro’s en con’s voor je patiënt inzichtelijk tijdens het shared-decision proces.

Hypoglycemie

Patiënten kunnen ook last hebben van wisselende bloedsuikers, met als meest bekende resultaat de vier-uurs dip! Als je cliënt hier door de dag heen last van heeft kan er sprake zijn van ideopatische reactieve hypoglycemie. Voor deze groep is het lastig om maar 3 x per dag te eten. Het aan te raden de voeding te normaliseren naar een voeding met een lage glycemische lading, welke als bijkomend voordeel heeft dat deze voeding laag cariogeen is! Een diëtist kan hierbij helpen. Meer over deze adviezen vind je in de Elearning tandarts

Risico-analyse

Maak voordat je invisalign adviseert een cariës risico-analyse (Informed-app). Dit doe je met (recente informatie) uit het PMO, de zelfzorganalyse, de voedingsanamnese en de sociale anamnese. Breng ook de wensen en verwachtingen van de cliënt in kaart. Je kan dan goed de voor-en nadelen met de cliënt afwegen en later bij een eventueel geschil altijd onderbouwen waarom de behandelwijze is gekozen. Ook kan je hiermee onderzoeken of sealen of extra fluoride bescherming een overweging kunnen zijn. En of een ander beugeltype beter past.

Vragen die je je hierbij kan stellen zijn?

  • Laten de leefomstandigheden het toe om de invisalign dagelijks minimaal 20-22 uur in te houden? (zakendiners, borrels beperken deze tijd bijvoorbeeld).
  • Is het voor de client mogelijk om na iedere maaltijd de tanden goed te reinigen? (is hij veel onderweg, is er beschikking over water, werkomstandigheden, etc).
  • Kan de cliënt het aantal eetmomenten beperken? (ivm gezondheid (ondergewicht/ specifiek dieet) of werkomstandigheden (chefkok))
  • Is er risico op ondergewicht? (vul de risico-analyse in)
  • Hoe belangrijk is het visuele aspect?

Je kan hiervoor de Informed-app Motivational interviewing en sociale anamnese gebruiken.

Contact opnemen

Ben jij een KRT tandarts, KRM mondhygienist of dietist en wil je meer over dit onderwerp weten? Je krijgt 20 KRT punten / KRM punten /19,5 STADAP punten voor het volgen van de e-learning voeding en mondgezondheid.

Heb je een vraag of opmerking? Neem eenvoudig contact op via het contactformulier.

Stel je vraag
Hoi, kan ik je helpen?
Hoi! Leuk dat je Voeding en Mondgezondheid bezoekt. Waar kan ik je mee helpen?